Author Archives: Natalja Eggen

Altijd weer die Franse camping

Vroeger (B.C., oftewel before children) was ik nooit zo’n campingfan. Als kinderloze volwassene vierde ik mijn vakanties in een hotel in een leuke binnenstad of in een wijngebied . De gekochte wijn bleef dan tenminste goed onder de airco in de hotelkamer, die ik de hele dag aan liet staan.

Maar met kleine kinderen is alles anders. De zomervakantie doorbrengen in een hete stad, op elkaar gepakt in een appartementje of een familiekamer lijkt me geen pretje, meer iets voor de herfstvakantie. Een gehuurd huisje via airbnb is leuk, maar er moeten ook andere kinderen zijn. En een zwembad, zodat het watervrij worden nog wat wordt bespoedigd in de vakantie. En op dat moment komt de camping in beeld.

camping bord 1

Zonder te verdwalen

Onze vakanties zijn dus al een aantal jaren hetzelfde: we zitten op een camping, met zwembad en een springkussen. Het is groen, we zijn altijd buiten, de  fietsjes gaan mee, zodat de kinderen lekker kunnen rondcrossen. En dan zitten we in een mobilhome. Zo’n camper is eigenlijk een lelijk, landschapsverpestend ding. Maar zo hoeven we tenminste niet met een toiletrol onder de arm naar het sanitairblok. Voor de kinderen is kamperen geweldig: het o zo spannende benaderen van nieuwe speelkameraadjes, sluipen door (in de ogen van volwassenen) minieme bosjes rond de camping, en helemaal alleen een rondje lopen over de camping… “Zonder te verdwalen, mama!”

giraf2-websitePain au chocolat

Die camping is altijd in Frankrijk. Niet te ver weg, maar je hebt er toch beter weer, lekker eten en enorm veel te zien. Daardoor zijn een aantal van onze vakantie-ervaringen dus altijd dezelfde: bij het ontbijt op de eerste dag ga je je altijd te buiten aan veel te veel croissants en pain au chocolat. De bezoekjes aan de hypermarché kunnen rustig een paar uur duren. Iedere toren van de nabije kasteelruïne moet worden beklommen. Een klassieker: ’ s ochtends stokbrood halen en de helft al opeten vóór het ontbijt.

En natuurlijk mijn heimelijke genoegen: Franse vrouwentijdschriften lezen, waarin het alleen maar gaat over ontrouw, cellulitis en welke accessoires ‘ in’ zijn op het strand. In de zomer zit er steevast een stel badslippers, een bikini of een strandtas bij. Vaak een prul, maar toch leuk. Waarom hebben ze dat in Nederland niet?

Krekels

Ieder voorjaar neem ik me voor om het origineler aan te pakken. Waarom boeken we geen Oostenrijkse boerderijvakantie of een huisje in Tsjechië ? Of reizen we af naar het tapaswalhalla in Spaans Baskenland? Tot nu toe mislukt dit steevast. En ook dit jaar is het er weer niet van gekomen – te ver, te heet of juist niet warm genoeg, of gewoon te laat geboekt. Dit jaar gaan we naar de Provence. Ik ben er vaker geweest en ik heb er dierbare herinneringen aan – zoals ongeveer en kwart van de wereldbevolking. Ik heb enorm veel zin om olijfbomen, krekels, lavendelvelden en dorpjes met stenen fonteinen en meloenstalletjes langs de weg te zien. En krekels te horen. Eigenlijk heb ik altijd zin in de Provence.

Ik wens jullie een fijne vakantie!

Blijf staan!

Jaren geleden had ik een baan bij een Amerikaans IT bedrijf. Dat bedrijf zou worden overgenomen door een ander Amerikaans IT bedrijf. Het bleek een ongezonde werkomgeving. Om de haverklap werd er een manager geveld door een hartaanval, en kregen we een mailtje met de strekking “ we wensen Els en de kinderen veel sterkte met het verwerken van dit verlies”.

Later werkte ik in een heel andere branche, de wijnhandel. Hier ging er helemaal niemand dood aan een hartaanval. Hoe kwam dat? Stress,  overgewicht en roken kwamen in beide sectoren voor. In de IT werd zelfs iets meer gesport! Je zou denken: dan maakt de wijn het verschil. Wijn maakt de aderen soepel en voorkomt hartproblemen en zo.  Los van dat de wetenschap er niet uit is of wijn ook echt gezond is (en in welke hoeveelheid dan), vrees ik dat dat te gemakkelijk gedacht is.

20140610-123257-45177647.jpg

Ik heb zelf een andere theorie: namelijk dat staan het verschil is. Ga maar na, hoeveel van het werk in de wijnhandel staand wordt uitgevoerd. In winkels, bij wijnbeurzen en het proeven van de wijnen, op bezoek bij producenten: iedereen staat, in de wijngaard of in de wijnkelder. En ook de sommeliers doen staand hun werk.  In de tijd dat ik in een wijnwinkel stond (er was geen stoel) viel ik zomaar 4 kilo af – zonder enige moeite of dieet! Even een doosje naar een klant brengen,  een wandelingetje naar het magazijn, een pallet af- of opstapelen. Mensen die in de wijn werken hebben gewoonweg meer fysieke activiteit gedurende de dag. Bij mijn computerbedrijf kroop men alleen achter de computer vandaan voor een plas- of rookpauze.

Uit onderzoek, geciteerd op de website van het TNO, blijkt dat de hele dag zitten ongezond is. En dat je dat met een uurtje sporten niet ongedaan kan maken. Maar draai het eens om: Een levensstijl waar de hele dag door zo’n beetje bewogen en gestaan wordt is  veel gezonder dan af en toe een uurtje sporten. Zo bekeken zijn twee uurtjes staand kijken naar een voetbal- of hockeywedstijd (mag ook een museumbezoek of retail therapy zijn)  misschien wel een veel betere invulling dan de wedstrijd zelf spelen . Vooral als je daarna  op de fiets of te voet naar huis moet omdat je zo nodig wijn moest drinken in derde helft.

Zittend werken is gewoon niet gezond. Foto: npr.org

Zittend werken is gewoon niet gezond. Foto: npr.org

 

Zoeken naar een tweede huisje

Een van mijn geheime genoegens is fantaseren over een tweede huisje. En niet zomaar een huisje, nee een tweede huisje ergens in het nabije buitenland, zodat je er in een weekend naar toe kunt maar toch in een andere omgeving bent. Idealiter – voor mij dan – ligt het in een wijngebied, zodat je vanuit je slaapkamerraam op wijngaarden kunt uitkijken en lekker bij de lokale wijnboeren kunt langsgaan. Noord-Frankrijk of Zuid-Duitsland.

gites

Fijne visioenen komen op mijn netvlies: een huis om met een groep studievrienden lekker te bomen rond de open haard… Familiediners aan een lange tafel vol met lokale heerlijkheden, ruimte voor een hangmat in de tuin (een échte, tussen twee bomen!), een vuurtje te stoken, lange wandelingen, de gegrilde kip van de lokale markt die zoveel beter smaakt dan thuis.. En natuurlijk wordt het huis ingericht met leuke spullen van de bric a bracwinkels. Het tweede huis is bovendien een ideale plek om je in geval van nood te verstoppen tijdens een relatiecrisis of om een derde wereldoorlog uit te zitten dankzij de riante moestuin.

Helemaal begeesterd zit ik ’s avonds te zoeken op internet op buitenlandse makelaarssites. En dat terwijl er zoveel nuttiger dingen te doen zijn: de woonkamer toonbaar maken, fotoalbums maken, strijken. Zoekend met Google maps voor de ideale rijafstand, huisjes binnen een ‘mogelijk’ budget maar met niet te veel onderhoud. Ik kan urenlang browsen en fotoreeksen doorklikken. Om kwart over twaalf klap ik met vierkante ogen de laptop dicht. Weer een hele avond doorgebracht met mijn hoofd in een droomhuis.

start.1

Dan, de uren erna, reality kicks in. Het kan niet. Het is niet verstandig, niet praktisch, niet haalbaar. Denk even aan het geld! We hebben nu al ettelijke pensioengaten en anders moet er wel geld opzij gezet worden voor de studie van de kinderen. Een tweede huis is veel gedoe, twee huishoudens, altijd geregel. Bovendien verplicht je jezelf zo’n beetje: je moet als huisbezitter toch steeds naar dezelfde plek op vakantie. Het lukt nu al nauwelijks om eens af te spreken met studiegenoten, laat staan voor een heel weekend in het buitenland. En zou een familievakantie vol klussen de verhoudingen niet behoorlijk op scherp zetten? Zelfs mijn brocante-visioen moet er aan geloven. Want heb je in het écht al eens met twee kleuters een hele ochtend over een antiekmarkt gelopen, op zoek naar dat ene leuke tuinbankje?

En toch… Voorlopig stop ik niet met zoeken, want het plezier van zo’n avond is er niet minder om.